De spottersmethodiek: Too big to fail

In maart van dit jaar was het weer zover. Er vond een grote actie plaats op Utrecht Centraal. Veertien politiefunctionarisen – getrained in ‘de spottersmethodiek’ – schouwden er een dag rond op zoek naar vreemde reizigers.

De spottersmethodiek is komen overwaaien uit Israël, en staat ook wel bekend als Predictive Profiling of Search Detect React. Agenten leren om afwijkend gedrag te herkennen, en indien noodzakelijk een gesprekje aan te knopen. Zo zouden in een vroegtijdig stadium overtredingen, misdrijven of terroristische aanslagen te voorkomen zijn.

De resultaten van de actie blijken uit antwoorden van het bevoegd gezag op vragen van Utrechtse gemeenteraad. De controle duurde van 7.30 tot 16.00 uur, en in totaal werden 10 mensen aangesproken op hun gedrag. Het leidde niet tot aanhoudingen of het uitschrijven van een proces-verbaal. Dat is minder dan 1 gesprek per agent op een hele dag op een druk station. Een mager resultaat? Nee hoor, het Korps Landelijke Politiediensten (KLPD) was dik tevreden over de effectiviteit van de controle.

De vragen van de Utrechtse gemeenteraad werden niettemin opgepikt door enkele wakkere parlementariërs, en er volgden kamervragen. Minister van Veiligheid en Justitie Opstelten toonde zich eveneens tevreden met de actie. De aanwezigheid van politiemensen in het station geeft immers bij reizigers een gevoel van veiligheid. En het nut en de noodzaak van de spotteracties zijn tijdens eerdere acties bewezen, aldus de Minister. Goede verstaanders leiden uit dit antwoord af dat de in 2009 door TNO beloofde wetenschappelijk onderbouwing van de spottersmethodiek nog even op zich laat wachten.

Ondanks het gebrek aan wetenschappelijke onderbouwing wordt de spottersmethodiek inmiddels op grote schaal ingezet. Bijvoorbeeld tijdens Koninginnedag. Of door cameratoezichthoudersEn ook bij de beveiliging van musea steekt de methode de kop op. Het is een miljoenenproject geworden. Toch lijkt er tot op heden niemand bij TNO of de Politieacademie op het idee gekomen te zijn om een fractie van dat geld uit te geven aan een simpel experimentje waarbij getrainde spotters worden vergeleken met niet-getrainde agenten. Best mogelijk dat die laatste groep er ook in slaagt om binnen 1 dag met 10 mensen op Utrecht Centraal een gesprekje te voeren, niemand aan te houden, en geen proces-verbaal uit te schrijven.

Bij TNO heeft men blijkbaar weinig op met dit soort overwegingen. Stel je voor dat uit onderzoek blijkt dat het niet echt werkt. Dat zou een hoop subsidie schelen. Nee, dan liever tevreden gebruikers zoals de KLPD. Want de overheid ziet dat graag: zo’n combinatie van een kennisinstelling, tevreden maatschappelijke partners, bedrijfsleven en deliverables. Het levert geld op, wat je vervolgens kan steken in het automatiseren van de detectie van afwijkend gedrag. Innovatie heet dat.

Het meest – waarschijnlijk onbedoeld – kritisch blijkt dan toch Minister Opstelten. Volgens zijn antwoorden is het enige middel dat de politiemedewerker inzet zijn/haar mond en gezond verstand. Samengevat ziet de Minister dus graag meer politieagenten op straat die hun gezond verstand gebruiken. Maar daar hoeft de politie geen dure cursussen voor te volgen. En TNO geen technologie voor te ontwikkelen. Snel opdoeken die training aan de politieacademie en de UvA de VU dus. Voordat de spottersmethodiek echt too big to fail is.

Zie ook: https://fpblog.nl/2011/04/10/search-detect-react/

Dit bericht werd geplaatst in Veiligheid & terrorisme, Wetenschap & Maatschappij en getagged met , , , , , . Maak dit favoriet permalink.

3 reacties op De spottersmethodiek: Too big to fail

  1. Pingback: Search Detect React | Forensische Psychologie Blog

  2. Paul zegt:

    Interessant stukje, die spottersmethodiek. Ik ben een ‘gewoon’ burger, maar als spotter een onbedoeld professional. Het is gewoon griezelig hoe snel ik ‘afwijkend gedrag’ spot. Zo zag ik de voorbereidingen voor een kassa-roof op een groot warenhuis in de Kalverstraat, heb ik de overvallers op een geldtransport gespot en recentelijk een grote hoeveelheid verborgen gestolen koper. Dit zijn slechts een paar voorbeelden. Keer op keer was de conclusie dat ik in de gewaarschuwde politie geen gelijke partner vond: Amateuristisch, arrogant, betweterig, laks…. Ik ben bescheiden van aard. Maar ik durf met een gerust hart de uitdaging aan dat ik sneller en meer verdachte individuen en zaken spot dan de meeste politieagenten. Ik neem die handschoen met plezier op.

  3. Pingback: Proactief signaleren | Forensische Psychologie Blog

Geef een reactie

Gelieve met een van deze methodes in te loggen om je reactie te plaatsen:

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s