Conferentie Symptoomvaliditeit

 

donderdag 11 juni – vrijdag 12 juni 2015

Crowne Plaza Hotel Maastricht

(Accreditatie Klinisch/Neurosychologen: 11-15 punten)

(Accreditatie Psychiaters: aangevraagd)

Workshop: Richard Rogers SIRS-2

Lezingen:   Richard McNally over PTSD en pseudo-PTSD

                        Richard Kanaan over functionele versus geveinsde klachten

                        Michael Kopelman over amnesia in de rechtszaal

Symposia:  Nieuwe instrumenten (Thomas Merten et al.)

                        Forensische aspecten (Marko Jelicic et al.)

                        Wetenschappelijk onderzoek (Ben Schmand et al.)

                        Plaats in de kliniek (Brechje Dandachi-FitzGerald et al.)

Kosten:        Workshop: 150 euro

                         Symposia: 250 euro

                         Totaal: 350 euro

                          Studenten (beperkt aantal plaatsen): gereduceerd tarief

Inschrijving: Hier

Geplaatst in Uncategorized | Een reactie plaatsen

4th European Conference on Symptom Validity Assessment

Thursday June 11 – Friday June 12 2015

Crowne Plaza Hotel

Maastricht

Keynotes:  

Richard Kanaan on functional versus feigned

Michael Kopelman on retrograde amnesia

Richard McNally on PTSD

Richard Rogers on SIRS-2, feigning & trauma

 

Workshop:                  SIRS-2

Symposia:                   New instruments in symptom validity assessment

                                      (Thomas Merten, Martin van den Broek a.o.)

                                    Practical issues in symptom validity assessment

                                      (Brechje Dandachi-FitzGerald, Douwe van der Heiden a.o.)

                                     Scientific aspects

                                       (Ben Schmand, Andreas Stevens, Alonso Ortega a.o.)

                                     Forensic aspects

                                       (Maaike Cima, Ana Havelka Mestrovic a.o.)

                                    Poster blitz sessions chaired by Hector Gonzalez-Ordi & Vicki Hall

 

More information & registration at: http://www.tmfi.nl/nl/activiteiten/sva/

 

Geplaatst in Uncategorized | Een reactie plaatsen

Over inconsistenties in verklaringen van mensenhandel-slachtoffers

Het komt steeds vaker in het nieuws. Mensenhandel. Of de problemen rondom loverboys. In mensenhandelzaken moet de politie onder andere nagaan of een aangeefster gedwongen in de prostitutie terecht is gekomen. En dat kan nogal een lastige klus zijn. Mogelijke slachtoffers van mensenhandel willen nogal eens inconsistent verklaren over wat hen is overkomen. Moeten deze inconsistenties worden gezien als leugenachtig gedrag (omdat je iets niet hebt meegemaakt, kun je niet consistent over deze gebeurtenis verklaren), of zijn zij het gevolg van andere factoren zoals het meemaken van traumatische gebeurtenissen? Recentelijk heeft een aantal auteurs zich over deze kwestie uitgelaten. Omdat het over getuigenverklaringen gaat, zou je denken dat zij op de hoogte zijn van rechtspsychologische inzichten. Nou niet dus.

Neem het onderzoek naar inconsistente verklaringen van mogelijke slachtoffers van mensenhandel dat in opdracht van het Wetenschappelijk Onderzoek- en Documentatie Centrum is uitgevoerd. Dit onderzoek is behoorlijk gemankeerd. De onderzoekers namen interviews af bij officieren van justitie, politie en hulpverleners in Nederland, België en Engeland. De geïnterviewden moesten zich uitlaten over factoren die inconsistente verklaringen in de hand zouden werken. Onder deze factoren bevonden zich psychische klachten, drugsgebruik en psychotrauma. Verrassend genoeg hoefde men zich niet uit te laten over leugenachtig gedrag. Kennelijk gingen de onderzoekers ervan uit dat aangeefsters in mensenhandelzaken nooit en te nimmer een valse aangifte doen om bijvoorbeeld aan een verblijfsvergunning te komen.

En wat te denken van een recent ongepubliceerd rapport voor politie en OM geschreven door medisch antropologe Marian Tankink. Ook zij liet zich uit over inconsistenties in verklaringen van slachtoffers van mensenhandelzaken. Tankink stelde dat slachtoffers van mensenhandel geen consistente verklaringen kunnen afleggen. Dit zou komen omdat traumatische herinneringen worden verdrongen. En als dergelijke slachtoffers wel consistente verklaringen vertonen dan moet er wel iets mis zijn. Haar ideeën zijn al doorgedrongen tot de rechtspraak. Jammer dat Tankink niet op de hoogte is dat 1) verdringing niet bestaat en 2) dat consistentie weinig zegt over de betrouwbaarheid van verklaringen. Als medisch antropologe zal zij ongetwijfeld veel weten over hoe patiënten ziekte ervaren. Haar kennis over het menselijk geheugen schiet echter dramatisch te kort.

Hoe nu verder? Kijk eens hoe ze het doen bij de Landelijke Expertisegroep Bijzondere Zedenzaken (LEBZ). Daar worden zaken besproken door een team van ervaren rechercheurs, klinische psychologen en rechtspsychologen. Wij zijn trouwens ook lid van deze groep. Ons devies: professionals op het gebied van mensenhandel, schuif eens aan bij een LEBZ-bespreking. En leer hoe met behulp van wetenschappelijke inzichten bonafide slachtoffers van mensenhandel kunnen worden onderscheiden van degenen die een valse aangifte doen.

Deze blog is geschreven door Henry Otgaar en Marko Jelicic

Geplaatst in Uncategorized, Wetenschap & Maatschappij | 7 reacties

Call for Posters

The European Conference on Symptom Validity Assessment
11th – 12th June 2015
Maastricht / The Netherlands

The European Conference on Symptom Validity Assessment (SVA) will focus not only on tools to evaluate symptom validity in patients, but also on basic issues related to diagnosis, therapy, epidemiology, and forensic implications. Poster submissions are welcomed and a selection of posters will be presented in two Poster Blitz sessions, one focusing on research and the other focusing on clinical/legal cases.

We look forward to meeting you at the 2015 Maastricht Conference.

More information: THE SVA Conference.

Poster submission deadline: March 31, 2015,

Email 200-words summary to: r.ponds@maastrichtuniversity.nl
Decisions will be made by May 31, 2015.
Poster committee: Vicki Hall (Sutton Coldfield, UK), Héctor González Ordi (Madrid, ES), Brechje Dandachi-FitzGerald (Maastricht, NL), and Rudolf Ponds (Maastricht, NL).

Geplaatst in Uncategorized | Een reactie plaatsen

The Insurance Toolbox jokt

Tussen de 1 en 5 miljard verspilt de overheid jaarlijks aan uit de hand gelopen ICT-projecten. Daar moeten wij toch een graantje van mee kunnen pikken, zullen ze bij The Insurance Toolbox gedacht hebben. Dit bedrijfje is gespecialiseerd in ‘innovatieve ICT oplossingen’, onder andere voor overheden zoals gemeentes. Die bieden ze dan ook ‘state-of-the-art stemanalyse-oplossingen’ aan voor het opsporen van bijstandsfraude. Innovatieve state-of-the-art software dus. Je zou zo geloven dat deze software met 85 tot 90% nauwkeurigheid bijstandsfraudeurs ontmaskert, zoals het op de website van The Insurance Toolbox te lezen was.

Maar wij weten wel beter. Er is namelijk meer dan voldoende onderzoek dat laat zien dat dit soort stemanalyse-software gewoon niet werkt: Je kunt net zo goed een muntje opwerpen. En als je dan toch adverteert met hossana-verhalen, dan jok je. En jokken in reclame is niet zo netjes. Helemaal niet voor een bedrijf gespecialiseerd in fraude(detectie).

We besloten daarom de gang naar de Reclame Code Commissie te maken. Onze klacht – keurig onderbouwd met wetenschappelijk onderzoek – kort samengevat: The Insurance Toolbox maakt zich schuldig aan misleiding. Er bestaat namelijk geen enkel onderzoek dat de bewering staaft dat stemanalyse met 85 tot 90% nauwkeurigheid fraude opspoort.

Bij The Insurance Toolbox kennen ze dat onderzoek wel. Er zijn namelijk ‘tal van onderzoeken die het tegendeel bewijzen’, zo schreven ze in hun reactie. Welke studies dat dan zijn, lieten de innovatieve state-of-the-art boys wijselijk in het midden. Ze wilden – hoe nobel – de Commissie de moeite van verdere discussie besparen, en zegde toe de tekst op de website aan te passen. Die is inderdaad veranderd: ‘85 tot 90% nauwkeurig’ is vervangen door ‘uitermate nauwkeurig’. Ze zijn niet voor één gat te vangen, de boefjes van The Insurance Toolbox.

Er is ongetwijfeld veel geld te verdienen met dit soort boerenbedrog. In het Verenigd Koninkrijk gaan er bijvoorbeeld miljoenen in om. En het is niet de eerste keer dat deze software de kop op steekt. Ook de ’guru’s van de Leugenacademie bieden het product aan. Het zal niet toevallig zijn dat ook zij het met de waarheid niet zo nauw nemen.

De reclame Code Commissie was het in ieder geval met ons eens:

‘Gelet op het voorgaande is de Commissie van oordeel dat de bestreden reclame gepaard gaat met onjuiste informatie ten aanzien van de van het gebruik van het product te verwachten resultaten als bedoeld in artikel 8.2 aanhef en onder b van de Nederlandse Reclame Code (NRC). Nu de gemiddelde consument er bovendien toe kan worden gebracht een besluit over een transactie te nemen dat hij anders niet had genomen, is de uiting misleidend en daardoor oneerlijk in de zin van artikel 7 NRC.’

Een bedrijf gespecialiseerd in fraudedetectie dat zich schuldig maakt aan misleiding en oneerlijkheid. Heerlijk toch.

UPDATE (5-2-2015): Ook de formulering ‘uitermate nauwkeurig’ kan volgens de Reclame Code Commissie niet door de beugel. Opvallend detail: in het nieuwe weerwoord wordt geen melding meer gemaakt van de ‘tal van onderzoeken die het tegendeel bewijzen’. The Insurance Toolbox zou over het bestaan hiervan toch niet tegen de Commissie gelogen hebben? Uitspraak hier

Geplaatst in Leugendetectie, Veiligheid & terrorisme, Wetenschap & Maatschappij | Tags: , , | 2 reacties

Functional or Feigned?

What? The Maastricht Conference on Symptom Validity Assessment

When? Thursday June 11 – Friday June 12 2015

Where? Crowne Plaza Hotel Maastricht

For program & registration, see: : http://www.tmfi.nl/en/symposia/sva/

Geplaatst in Uncategorized | Een reactie plaatsen

Moe zijn tijdens een verhoor. No worries?

Verdachten moeten vaak op hun hoede zijn tijdens een verhoor. Nee, vaak geven ze niet alles weg. Ze willen niet verdacht overkomen en proberen relevante informatie achter te houden. Dat is vermoeiend en vereist zelfcontrole. Wij vonden laatst dat het verlies van zelfcontrole de kans op foutieve herinneringen aanzienlijk vergroot. En dat het je bevattelijker maakt voor suggestieve druk. Onwenselijke neveneffecten zou je kunnen zeggen. Met een moeilijk woord heb je dan last van ego-depletie.

De Amerikaanse psycholoog Roy Baumeister introduceerde de term in de jaren ’90. Ego-depletie zou verwijzen naar het idee dat mentale processen zoals zelfcontrole energie vereisen en dat die energie op kan raken. Als het vat energie op is, zou dit nadelige consequenties hebben voor andere handelingen die ook zelfcontrole vereisen. Een voorbeeld. In een van de eerste experimenten moesten proefpersonen de verleiding weerstaan om chocola te nuttigen. Voor hen lag een aantal chocoladerepen maar ze mochten die niet opeten. In plaats daarvan konden ze radijsjes eten. Daarna moeten ze onoplosbare puzzels maken. Wat bleek? De groep die de chocolade-verleiding diende te weerstaan -en dus zelfcontrole uitoefende- gaf sneller op tijdens de puzzeltaak dan controle proefpersonen.

Maar verdorie. Ego-depletie ligt onder vuur. Recente studies zouden laten zien dat het effect uiterst fragiel is en moeilijk te repliceren valt. En nu? De Australische onderzoeker Martin Hagger kwam met een uitstekend idee. Hij deed een oproep aan onderzoekers in het veld om een groots replicatie-experiment naar het effect te verrichten. In tijden van toenemende aandacht naar replicatie-experimenten in de psychologie, worden onderzoekers uitgenodigd om een vast onderzoeksprotocol te volgen en te onderzoeken of het effect daadwerkelijk bestaat. Mijn collega’s en ik doen trouwens graag hieraan mee.

Wat kunnen we in de tussentijd doen? Wachten? Mijn oproep aan alle verdachten is de volgende. Vertel de waarheid. Dat is simpel en vergt geen zelfcontrole.

Geplaatst in Wetenschap & Maatschappij | 3 reacties

Angst is een slechte raadgever (maar je kunt er prima aan verdienen)

De Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding en Veiligheid laat weten dat “de kans op een aanslag in Nederland of op Nederlandse belangen in het buitenland substantieel blijft.” Wat betekent zo’n mededeling? Is het zoiets als zeggen dat ergens in de nabije of verre toekomst, hier of elders, we misschien iets ergs of minder ergs gaan beleven? Dat zou een onzinnige waarschuwing zijn, die niet past bij het gezag van de Nationaal Coördinator. Daarom zullen de meeste burgers zijn aankondiging serieus nemen en er een gevoel van verontrusting aan overhouden.

En misschien dat burgers dan weer opgelucht ademhalen als ze in de krant lezen dat de Koninklijke Marechaussee op Schiphol slimme camera’s gaat inzetten. De camera’s zien of reizigers snode plannen hebben. Dat is althans wat het bedrijf zegt dat de camera’s levert. De camera’s zijn “enorm innovatief” en worden aangestuurd door QVI software, die op basis van het DARPA-project is ontwikkeld. Klinkt esoterisch, maar gek genoeg is het precies dat wat ons geruststelt. Hier is over nagedacht, denken we.

Maar angst is een slechte raadgever. Het berooft ons van onze kritische zin. Ook in het nieuws – niet hier, maar in Engeland deze zomer des te meer – was de rechtszaak tegen het echtpaar Samuel en Joan Tree. Hun zaak illustreert mijn punt. De echtelieden bouwden een “totaal uniek” apparaat, de Alpha 6, dat in staat is om op 500 meter afstand explosieven en drugs te detecteren. Het apparaat bestaat uit een antenne en een kastje. Aangestuurd door statische energie, herkent het kastje de moleculaire signatuur van explosieven en slaat alarm als er een terrorist in de buurt is. Dat leek de politiediensten in Thailand, Afghanistan, Egypte, Mexico en Irak wel wat. Geholpen door de Engelse ambassades gingen de Alpha’s als warme broodjes over de toonbank. In Thailand was de politie – die zo’n 480 apparaten aanschafte – dolgelukkig. Dankzij de Alpha’s zouden er in dat land 70% meer boeven zijn gevangen. Snuffelhonden waren voortaan overbodig. Ook bij wegblokkades in Irak, hotels in Egypte, en vliegvelden in Afghanistan worden de Alpha’s tot op de dag van vandaag ingezet.

De Alpha. Reuze handig

De Alpha. Reuze handig

Vroeg iemand naar het binnenwerk van het kastje, dan waren de Tree’s altijd resoluut. In het apparaat kijken, kon niet, mocht niet. Er zat gevoelige apparatuur in. En je wilt ook niet dat geheime technologie zo maar op straat komt te liggen. Klonk overtuigend. Totdat een technicus van de Britse geheime dienst de stoute schoenen aantrok, de kast open maakte en vaststelde dat er wat kunststoffen buisjes met een marktwaarde van nog geen 10 euro in zaten. Maar toen hadden de Tree’s inmiddels al ettelijke miljoenen verdiend aan hun fopdoos. Deze zomer werden ze wegens oplichting veroordeeld.

De Tree’s zijn een voorbeeld van hoe angst voor terroristen commercieel kan worden uitgebuit. Ze behoren tot de criminele flank van een business, die weet dat het makkelijk is om veiligheidsdiensten “nieuwe” technologie aan te smeren. Voor de hand liggende vragen worden zelden gesteld. Want de veiligheidsdiensten op hun beurt zijn maar wat blij dat zij het publiek gerust kunnen stellen met verwijzingen naar een vaag, maar tof apparaat.

Een substantiële dreiging, maar wel slimme camera’s op Schiphol dus. Camera’s die kwade bedoelingen van mensen kunnen meten. Hoe doen ze dat dan? En door wie zijn die camera’s getest en hoe effectief waren ze? En wat kosten ze? Hoeveel extra agenten kun je daarvoor rond laten lopen? Kijk, dat gewone burgers in een door de overheid gecreëerde sfeer van onrust vergeten om zulke vragen te stellen, valt te begrijpen. Maar daarvoor hebben we juist volksvertegenwoordigers: om kritisch te blijven. Van die kritische zin hebben we tot nu toe weinig gezien.

Lees ook: Story of The Fake Bomb Detectors

Geplaatst in Veiligheid & terrorisme | 1 reactie

Impossible!

Wat? TEDx Maastricht

Wanneer? Maandag 13 oktober

Waar? Theater aan het Vrijthof

Details? Check out: http://tedxmaastricht.nl/

Geplaatst in Uncategorized | Een reactie plaatsen

Forensic hypnosis: Royal road or dead end on the way to eyewitnesses’ memories?

Hypnosis seems to be the solution to a multitude of problems: it is used as an aid to quit smoking, to lose weight, and police officers enthuse over its miraculous effects on eyewitness memories. How does eyewitness research explain the latter phenomenon?

Let’s take a look at a case in which hypnosis played a key role: In 1982, Larry Mayes was charged with rape and sentenced to 80 years in prison. The hypnotized victim had identified him from a lineup and was highly confident about her decision. File closed – until in 2001, after 19 years of imprisonment, Mayes was exonerated due to exculpatory evidence. It turned out that the victim had not been able to identify him from two preceding lineups. Only in the third procedure, after being hypnotized, did the victim identify Mayes as the perpetrator. He was eventually exonerated by forensic analyses showing that the DNA found at the crime scene did not match his.

Although one might be inclined to consider this case an exceptional tragic incident not worth of further attention, this seems unlikely. Hypnosis can significantly elevate error levels in eyewitness accounts and can even make witnesses develop vivid, but completely false memories of entire past events, so called pseudomemories. To make things worse, hypnosis leads to confidence inflation. This means that hypnotized witnesses are more confident in their accounts than non-hypnotized witnesses, even when making errors, which entails the danger that hypnotized witnesses are by mistake regarded as highly credible. The errors emerge, because it is difficult to distinguish actually experienced from imagined events when hypnotized. This is why hypnosis is not a suitable tool for interviewing eyewitnesses. Why is it, then, that hypnosis is still enjoying great popularity among some police forces? The procedure is frequently used in stagnating cases or in cases in which witnesses remember only little. Under hypnosis, the report criterion of eyewitnesses drops. Consequently, they report more details – but also make more errors. Because the police do not possess objectively true information about the incident, they get the impression that hypnosis helps them achieve their goal, to wit, more detailed reports. In laboratory experiments, however, it becomes apparent that many details reported under hypnosis are simply false.

In conclusion, we can rightly consider hypnosis a dead end when it comes to accessing eyewitnesses’ memories. Well-developed and -researched interview techniques, such as the Cognitive Interview, elicit comprehensive accounts, without bearing the danger of false memories as a result of increased suggestibility. This is what one may call the royal road to eyewitnesses’ memories.

References:
http://www.innocenceproject.org/Content/Larry_Mayes.php

Kebbell, M. R., & Wagstaff, G. F. (1998). Hypnotic interviewing: The best way to interview eyewitnesses? Behavioral Sciences and the Law, 16, 115-129. doi:10.1002/(SICI)1099-0798(199824)16:13.0.CO;2-I

Written by Alana C. Krix and Melanie Sauerland, this blog was originally published in German at de.in-mind.org.

Geplaatst in Uncategorized | Een reactie plaatsen